Not so daily Musings

I’ll write when i have something to say

Menu
  • Home
  • Musings
    • De Droommaker – prentenboek
    • Het gouden koord boekjes
    • Inspiratie
    • Persoonlijk
    • Op jaar
      • 2023
      • 2022
      • 2021
      • 2020
      • 2019
      • 2018
      • 2017
      • 2016
      • 2015
      • 2012
  • Nieuwtjes
  • meer over mij
  • Pers
  • Stel je vraag…
Menu

Categorie: Musings

Kwetsbaarheid

Geplaatst op januari 16, 2023oktober 8, 2023 door Eric

Kwetsbaarheid is een kracht, maar ook gewoon ontzettend kwetsbaar. Al weken nu is mijn bed weer mijn grootste vriend, daar waar het klein, donker en stil is. Daar waar ik niet hoef te doen alsof het goed gaat. De onderstroom die al mijn hele leven zwaar en donker onder alles doorstroomt en hoe en waar ik ook zoek, nooit echt lichter lijkt te worden.

Vertel me niet wat ik zou moeten doen, ik heb het vast al geprobeerd, Zeg niet dat het wel overgaat, meevalt, het valt niet mee en ik weet dat het niet overgaat. Deze wereld is voor mij te groot, te veel, te snel. Ik heb behoefte aan traag, aan rust, aan ruimte en hoe hard ik ook probeer mee te doen in jouw tempo, het lukt me niet. Ik kan het niet.

‘Maar je bent altijd zo optimistisch, vrolijk en je doet zoveel. ‘
-Ja, maar jij weet niet hoeveel pijn en moeite dit kost. Hoe vaak ik stuk loop en onderuit ga.

Het universum stuurt de hulp die nodig is. Daar geloof ik heilig in. Soms duurt het even, soms een heel leven. Vorige week heb ik eindelijk met de psycholoog een knoop durven doorhakken, we gaan een onderzoek beginnen. Hier kom ik later nog op terug.

Voor nu wil ik een stukje zwijgen doorbreken, omdat ik niet anders kan, omdat soms toegeven dat je iets niet (meer) kunt, helpt en rust en ruimte geeft.
Er moet meer ruimte komen, voor alles wat niet kan en waar ik niet meer alleen uit kom.

En daar springt vandaag ineens het universum bij, met de premiere van ‘Samen uit de schaduw’. Een documentaire van actrice Hanna Verboom over de noodzaak tot het openbreken van het stigma rond mentale problemen.

“In een tuin voor paardenbloemen, kunnen orchideeën niet bloeien.”

depressie,#mentalegezondheid,#autismawareness,#uitdeschaduw

https://www.uitdeschaduw.org

Pay it forward 2023

Geplaatst op december 25, 2022oktober 8, 2023 door Eric

17 jaar oud en weglopen van huis, de situatie met alle spanningen en angsten werd onhoudbaar. Van een klein, stil dorp, middenin de grote stad terechtkomen. Het opvangcentrum zit middenin de Jordaan, hartje Amsterdam. Hier woon ik door omstandigheden zes ipv de toegestane drie maanden. Halverwege mijn tijd daar begint mijn nieuwe studie, grafische reproduktietechnieken aan het Grafisch lyceum in de Dintelstraat. Tijdens de opleiding leer ik de eerste beginselen van het lettertekenen, kalligrafie, boekbinden, letterzetten met loden letters en drukken op een Heidelberger degelpers. Ondanks de ingewikkeldheid van de omstandigheden, kan ik mijn geluk niet op. Al vanaf de eerste dag voel ik ‘hier hoor ik thuis’. Ik kan niet wachten om iedere dag te beginnen en zoveel mogelijk te leren. Als een spons neem ik alles op wat me aan kennis aangeboden wordt. Bezig zijn met de creatieve opdrachten helpt ook alles waar ik van wegliep op afstand en onderdrukt te houden. Twee maanden na de start van de opleiding vind ik een kamer in het souterain bij een kinderloos echtpaar in de wijk achter het concertgebouw. In de weekenden werk ik in het Onze Lieve Vrouwengasthuis, ontbijt, lunch en avondeten rondbrengen op de afdelingen. Fysiek zwaar, maar de patienten maken het werk waardevol. Na nog drie maanden raak ik overspannen en moet eerst stoppen met werken, daarna met de opleiding. Het eerste gat waar ik in val. Er zullen er nog vele volgen, maar dat weet ik dan nog niet.

Na vele omwegen en nog ruim 12 jaar full-time ziek zijn, haal ik via een reintergratie traject eindelijk op mijn 40ste mijn diploma Grafisch Vormgeven. Het is een andere wereld, alles gaat nu digitaal. Enerzijds een voordeel voor mij, want fysiek kan ik dit, maar mijn ziel mist de oude ambachtelijke technieken.

Fast forward naar een paar weken geleden, begin december 2022, nog eens ruim 17 jaar later. Op een donderdagmiddag stapt een mevrouw mijn studio in met de vraag of ik interesse heb in een proefpers. Haar man had een drukkerij, maar kan niet meer werken. De spullen staan al jaren ongebruikt en moeten nu echt weg, maar wellicht heb ik interesse. Mijn hart slaat over en ja, natuurlijk heb ik interesse! Nog geen week later staat er een tafelmodel proefpers in mijn studio, nog een week later volgen bijbehorende werkmaterialen. Alsof de tijd me ingehaald heeft gaan ineens deuren in mijzelf open waarvan ik dacht dat ze voorgoed dicht waren geslagen. De vreugde en het enthousiasme om ermee aan de slag te gaan vraagt zijn tol, dus in plaats van spelend in de studio, breng ik deze eerste kerstdag thuis op de bank, verplicht rustend, door.

Maar rust is ook ruimte voor bezinning en langzaam daalt het besef in dat, sinds het overlijden van mijn vader afgelopen september, diverse tot dan toe gesloten deuren open lijken te gaan. Het voelt alsof ik mijzelf opnieuw aan het uitvinden ben. Zijn dood geeft naast gemis, ook ruimte voor allerlei zaken waar tijdens zijn leven en aanwezigheid geen ruimte voor was.
Komende vrijdag is het precies 100 dagen sinds zijn overlijden en naast rouw en verlies breek ik ook open. Ik vind een mij nog onbekende, helere versie van mijzelf waar ik eerder niet mocht en kon zijn. Onwennig en nieuw, maar ook dit is rouw, ook dit is verlies: een nieuw begin. En daar hoef ik me niet meer schuldig over te voelen realiseer ik me nu, want als zelfs het leven zelf mij nieuwe, tweede, kansen geeft, kan het niet anders dan goed zijn wat gebeurt.
Nu is het aan mij me over te durven geven en eindelijk durven leren meegaan in die flow, durven leren vertrouwen.

Na bijna 100 dagen beginnen we beide aan een nieuwe fase, scherpe randjes die nog zo verwondden tijdens zijn leven, verzachten. Herinneringen doen minder pijn, gemis krigt meer ruimte en voelt als heling.
Deze kerst vier ik thuis, alleen, maar niet ‘alleen’. Want ook al sloot ik me voor een groot deel van de buitenwereld af deze voorbije maanden, er braken kieren open waar nieuw licht door naar binnen sijpelde. Er groeit een nieuw vertrouwen in mensen waar ik eerder niemand toe kon laten.
En zo worden deze donkere dagen, mijn lichtste van het jaar. Zelfs al zit ik hier alleen, ik weet dat ik morgen of overmorgen naar mijn studio kan en daar mag gaan spelen met materialen die mijn speelveld compleet maken om alles te kunnen maken volgens tradities waar ik al zo lang van droom. Voor kerstkaarten is het te laat, maar de eerste versie van mijn allereerste eigen, gekalligrafeerde ėn handgedrukte nieuwjaarskaart ligt al te wachten!

Mijn wens voor het nieuwe jaar: zoveel mogelijk mensen net zo blij maken met de dingen die ik ga maken als ik wordt van het maken zelf!
Pay it forward, 2023!
Fijne dagen voor iedereen, met een extra knuffel voor iedereen die het nodig heeft.
Xx
Liefs, Eric

Rouw

Geplaatst op oktober 19, 2022oktober 8, 2023 door Eric

Rouw kent vele gezichten, zo legde mijn psycholoog uit. Gek toch, hoe je bij anderen dat wel kunt zien en bij jezelf dan toch vast komt in het moeten voldoen aan verwachtingen en patronen. Rouw als verdriet, als huilen, als mensen vragen hoe het gaat volschieten en je tranen niet kunnen bedwingen. Dat is pas rouw, dat is pas verdriet, dan heb je duidelijk iets, iemand verloren.

Maar wat als rouw zich laat zien als depressie, als niet je bed uit kunnen komen, niemand willen zien, niets willen doen behalve Netflixen, lezen en slapen. Maar niet zomaar Netflixen of lezen, nee, je volledig verdiepen in leven na de dood. Wat gebeurt er met ons als we dood zijn. Dat is iets wat me altijd al bezighoud en interesseert, maar nu werd het bijna een obsessie. Drie weken lang kon ik nergens anders aan denken dan dat geheim moeten ontrafelen. Alles om een oncontroleerbare angst onder controle te krijgen. Want wat als je de nacht na de begrafenis van je vader ineens weer een nachtmerrie krijgt waarin hij over grenzen gaat en dat ook nu, na zijn dood, lijkt te kunnen blijven doen?

Een fysieke vader kun je ontwijken, op afstand van blijven, maar wat moet je met die vader in je hoofd, in je lijf, in dat hele systeem wat doordrongen is van veilig proberen te blijven van hem.
Ineens werd het noodzaak om hem daar onder ogen te komen. Daar waar ik hem al het grootste deel van mijn leven probeer weg te krijgen. Nu blijkt de grootste strijd, niet die met de fysieke, maar met de geïnternaliseerde vader. Degeen waar alle angst, die zich mijn leven lang al heeft vastgezet in mijn lijf, aan gekoppeld is. Hoe leg je aan mensen uit dat je overspoelt wordt door juist de nare herinneringen, de angsten, de mechanismen die je hebt leren toepassen om met juist die kant van hem om te kunnen gaan. Nee, hij was geen hufter, geen klootzak, niet iemand van grof geweld en brute kracht, drinken deed hij ook niet, hij was een gewone burgerlijke man. Maar wel iemand die emotionele en fysieke grenzen niet overzag waar het mij, zijn dochter, betrof. Hij gebruikte geen geweld, maar werkte zich in je emotionele leven om dichtbij genoeg te kunnen komen. Precies daar waar ik hem niet wilde. Als een groot kind wat emotionele veiligheid zocht en dat vertaalde in fysieke nabijheid.

Iedereen die hem kende, kende hem als een sympathieke man, altijd bereid om te helpen, altijd een goed woord voor de meeste mensen. Zo kende ik hem ook. Maar er was ook die andere kant. Dat grote emotionele kind, waar ik als kind niet veilig bij was.
En die tegenstrijdigheid is precies wat het zo ingewikkeld maakte. Hij was niet ‘gevaarlijk’, maar wel grensoverschrijdend en altijd de randjes opzoekend van wat (niet) kan. Je altijd op scherp houdend, altijd klaar om weg te komen, altijd balancerend tussen willen blijven houden van en omgaan met die sympathieke, behulpzame vader en wegblijven van die emotioneel te dichtbij komende grenzeloze ‘vader’. En zo vond ik mijzelf de laatste weken gevangen in een depressieve, obsessieve, allesoverheersende angst, om hoe hij die grenzen ook na zijn dood probeerde te overschrijden in mijn droomleven.
Alles is voorbijgekomen, ieder voorval, iedere overschrijding, van klein tot groot en iedere situatie daaromheen, de gevolgen en impact op de relaties met mijn moeder, broer en verdere familie daardoor. Alles, alles kwam voorbij in de weken vanaf het bericht van zijn aanstaande overlijden tot nu.

Vandaag geef ik mij over. Aan mijn verleden, aan alles wat nooit meer zal veranderen. Vandaag laat ik iedere angst en ieder oordeel los.
Hij is míjn vader. Dit hier is nog geen fractie van mijn leven met hem. En vanaf vandaag leg ik de oordelen van de wereld naast mij neer. Ik hoef hem niet meer te verdedigen, niet meer te beschermen. Ik hoef mijzelf niet meer te verdedigen, te beschermen. Zij kennen niet de diepte van de angst, de weerzin, ja, zelfs de haat die hij mij in mijn jonge en latere jaren heeft laten ervaren. Noch kennen zij de kracht van de liefde, de hoop, het verlangen van het kind dat ik was, naar gezien en in veiligheid en geborgenheid gehouden worden door hem, de vader. Ik schraap zelf nog maar net langs de randen van dit net verloren leven met hem, hoe zouden anderen die daar niet bij waren, beter kunnen weten hoe het was en wat had of zou moeten gebeuren?!

Rouw kent vele vormen. Uit eigen ervaring kan ik nu zeggen dat het niet altijd onverdeeld verdriet is, maar wel altijd de vorm die bij jouw leven en omstandigheid past. En in mijn geval was dat: overspoeld worden door alles wat níet goed was en een diep besef van nooit meer krijgen wat kleine mij zo graag had gewild. Ik leer mijzelf nieuw leven. Ik leer haar nieuw geborgen zijn en neem haar mee ons verdere leven in.

Mijn dank aan iedereen die heeft geholpen dit proces goed door te maken. Dank voor al jullie lieve berichtjes, ja, ik heb ze allemaal gelezen maar was even niet in staat ze te beantwoorden. Weet dat ieder woord van jullie heeft geholpen. Dankjulllie wel!
Wat is Facebook toch een mooi medium in dit soort dingen waar we elkaar kunnen vinden voor verbinding, zelfs als praten niet mogelijk is.
Liefs 😘

Illustratie: ‘Color the storms’ uit de serie De Droommaker

rouw,#depressie,#levennadedood,#verlies

Kijken naar wolken

Geplaatst op augustus 20, 2022oktober 8, 2023 door Eric

In de week voor ‘het ooggebeuren’ logeerde ik in het huis van een vriendin en was oppas voor huis en poes. Wonen in het huis van een ander is een heel avontuur en een bron van levenslessen. Daarover een andere keer meer. Nu wil ik eerst iets anders met jullie delen. Thuis heb ik geen uitzicht. Mijn piepkleine huisje staat in een vrij smalle straat, midden in het prachtige centrum van ons stadje. Dat geeft mij vol zicht op de eettafel van de overburen. En ja, ze eten heerlijke, gezonde dingen met hun twee kids, maar wolken, water of land zie ik niet. Op een klein stukje lucht na in de reflectie van hun slaapkamer- en zolderraam en het kleine raampje in de zoldering van mijn eigen woonverdieping.
In het oppashuis had ik een week lang volop wolkenluchten om naar te kijken en daar heb ik met volle teugen van genoten. Daar dacht ik ineens aan, terwijl ik hier op mijn bank lig te kijken naar de oranje dakpannen en de donkerrode bakstenen van het puntdak aan de overkant, op deze zo te zien wolkenloze, zonnige dag.

Kijken naar wolken

Kijken naar wolken, is niet alleen kijken naar wolken. Kijken naar wolken is kijken naar tot suikerspinachtige substantie gevormde waterdamp. Kijken naar wolken is het kijken naar geschiedenis in wording, is tijdloos en vormloos meereizen over de grenzen van verbeelding en verlangen. Kijken naar wolken is kijken naar en meegevoerd worden door de lichtstralen van de zon, goudwit en zilver. Ervaren hoe zij weerkaatsen op de bovenkant van de grillige, wat-achtige vormen. Hoe de lichtheid aan de bovenkant en randen gedragen lijkt te worden door het grijs aan de onderkant. Kijkend naar deze wolken beleef ik hoe één grote, grillige witte wolk, langzaam naar het midden drijft tot hij precies past in het veld van helder blauw wat steunt op twee heuveltjes heen en weer wiegend gebladerte. Vreugde overspoelt me, het evenwicht zoekende hart juicht om zoveel naar perfectie neigende schoonheid. Er speelt zich een hele wereld af daar in dat plaatje vol roerloze beweging en grillige veelvormigheid.

Een plaatje wat keurig omlijst wordt door het wit van twee stukjes raamkozijn rechtsonder en onder. Het geheel omlijst door aan de bovenkant een half neergelaten wit rolgordijn, links en rechts in plooien opzij geschoven witte gordijnen en aan de onderkant een smal randje witte muur boven de dwarse bovenlijn en verticale schaduw lijnen van een eveneens witte radiator. Kijkend naar wolken valt op hoe weinig wit al het omringende ‘wit’ is. Het varieert in tientallen tinten grijs, geel en crème, maar witter dan het witst van de bovenpartij van de wolk wordt het niet. Ook vallen me de kleine zwarte vlekjes op hier en daar verspreid over het gehele veld van wolken, blauw en groen. En ineens ‘zie’ ik het glas wat mij scheidt van wat nu ‘daarbuiten’ is geworden.

Het witte vloerkleedje op de licht houten vloer schuift van onderaf binnen mijn gezichtsveld. Net als de vage vormen van boeken op wat ik weet dat een nachtkastje is, naast me in mijn linker ooghoek.
Mijn rechter ooghoek brengt een golvende zee van vaag blauw en wit in beeld. Het dekbed ligt in even grillige vormen om mij heen gedrapeerd als de wolken daarbuiten.
Dan zie ik hoe mijn vingers heen en weer schieten over grijze vakjes met letters van het toetsenbord op het zwarte scherm voor mij. Grote witte letters verschijnen bij iedere tik en vormen de woorden die ik schrijf. En dat tussen de licht en donkerblauw geruite vakjes van de pyjamabroek die het scherm links en rechts omklemmen.
Wit vult ook een klein driehoekje onder het scherm en tussen de pyjamapilaren, daar zie ik de hielen van mijn twee voeten. Meer naar voren het aquamarijnblauwe landschap waar de twee donker- en lichtblauw geruite pyjamapilaren uit op rijsen van het shirt wat ik draag. Twee slierten lang bruin haar kronkelen als rivieren langszij. De bruine randen van een leesbril brengen me terug naar waar ik als vanuit een toren alles kan overzien, maar waar binnen, in de kamers die mijn ogen zijn, ik niet kan zien. Deze ramen zijn alleen naar buiten gericht.
Hoe kwam ik hier terecht, terwijl ik net nog meedreef tussen de wolken?

Ik richt mijn aandacht weer naar buiten, op zoek naar de wolken van even tevoren. Ze zijn voorbij gegaan. Nieuwe dienen zich aan in unieke vormen van wit gewatteerde waterdamp. Ik draai mijn hoofd en laat mijn blik glijden langs de rest van de ruimte om mij heen. De blauwe muur tegenover me, de bruine wand van kasten rechts van me. De kleren hangend uit mijn reistas op de stoel naast de deur daartussen in. De wekker naast de stapel boeken op het nachtkastje.

De betovering is verbroken. Het is tijd om op te staan.

Fijn weekend allemaal!
Eric,
20 aug 2022, Weesp

Visie en visualitiet

Geplaatst op augustus 8, 2022oktober 8, 2023 door Eric

Het begon met een lichtflits en toen nog een en nog een en nog een. Ik draaide mijn hoofd ervan weg, hopend dat het slechts reflectie was van het licht op de wand naast me. Maar de wand was lichtgrijs, die reflecteerde geen licht. Het volgende moment zag ik een vlek rechts op het netvlies van mijn rechteroog. Alsof een losse lens naast mijn oog in de lucht hing waarvan ik alleen de contouren kon zien. De lens zelf leek doorzichtig. De schrik sloeg me om het hart. Hier had ik over gehoord, was dit het nu?

Ik had een visie. Een visie op het leven, op hoe het was, hoe het altijd zou zijn en heel misschien wel zou kunnen veranderen, maar niet meer zoveel als ik vroeger altijd hoopte. Dat je bijvoorbeeld ineens een heel ander mens zou zijn, met een andere geschiedenis en daardoor een opener, gelukkiger mens.
Ik had een visie dat mijn leven is wat het is en er niet zo heel veel groei meer mogelijk is. Ook al sta ik iedere dag open voor leren en ontwikkelen, in de grote lijnen is de grootste rek er wel uit. Die dag was dan ook een redelijk gewone zaterdag, eind van de middag, een vriendin zou komen eten. Ik vertelde het kort, niet hoe ongerust ik erover was.

Toen maandagochtend de ‘lens’ nog steeds in mijn beeld hing raapte ik alle moed bij elkaar en belde de huisarts. Dit was om meer dan één reden eng, al jaren kom ik amper ons stadje uit. Paniek in de auto en vooral op snelwegen belemmeren me te reizen. Wat als ze me doorverwees naar het ziekenhuis?
De assistente hoorde mijn verhaal aan en vroeg of ik direct kon komen, de kans dat ik doorgestuurd moest was aanwezig en dan kon dat beter nu dan later op de dag. O, ja en het zou niet mijn vaste huisarts zijn, die was op vakantie. Reden genoeg voor nog meer stress.
De huisarts bleek een vlotte, jonge vrouw, die net als veel jonge artsen hun carrière beginnen als inval arts. De afwisseling en vooral het opdoen van veel ervaring voor het ooit settelen in een eigen praktijk leken me goede motivaties en reden tot vertrouwen. Al snel zat ze aan de telefoon en na een kwartier wachten, gezamenlijk muzakjes luisteren en praten over het werken als inval arts, kreeg ze eindelijk de oogarts aan de telefoon. ‘Ja,’ zei de blikkerige stem aan de andere kant van de lijn, ‘klinkt als glasvochtloslating. Geen spoed maar wel binnen deze week nog naar laten kijken in de ooglkliniek’. Een telefoontje later, dit keer werd ze wel direct doorverbonden, waren alle nodige gegevens uitgewisseld en kon ik enigszins gerustgesteld naar huis om daar te wachten op een oproep van de Bergman oog kliniek.

Ogen zijn een wonder. Sta er eens bij stil wat je ogen doen, hoe knap het is dat je kunt zien. Dat je licht en donker ervaart, de kleinste blaadjes aan de hoogste bomen kunt zien wapperen in de wind. Al die mijljoenen kleuren en nuances, de onnoemelijke hoeveelheid details in alles wat ons omringt. Heb je ooit een bloem, een blad, een insect van dichtbij bekeken. Echt bekeken! Hoe ieder pootje aan zijn lichaam gehecht zit, hoe alle haren andere richtingen uit staan of juist niet, hoeveel kleurnuances er in zijn ogen te zien zijn. De hoeveelheid nerven en hoe ze op exact de juiste plek zitten om een blad van water en licht te voorzien. Al die dingen op zichzelf zijn al een wonder. Dat je het allemaal met je ogen kunt zien en waarnemen is een zo mogelijk nog groter wonder.

De uitslag van het onderzoek is dubbel. Ja, iets met ‘ouderdom’. Fijn, die heb ik binnen, mijn eerste officiële certificaat van ‘oud’ zijn. Ben je net gewend dat mensen je met ‘u’ en ‘mevrouw’ aanspreken, krijg je dit. Zelf houd ik het liever bij overbelasting en oververmoeidheid na teveel dagen, maanden lange, stressvolle uren aan de computer gewerkt te hebben. Dat gaan we dus stoppen. En ook anders eten. Wat, collageen is goed voor de ogen? En magnesium? De potten staan al klaar en de vis ligt ernaast. Ja, natuurlijk, ook oog yoga en oefeningen gaan we doen. Oud, hoezo dan! Maar nee, dit gaat niet meer weg, wen er maar aan. De contouren van de ‘vlek’ die nu in mijn blikveld meebeweegt zal een constante reminder zijn hoe bijzonder het is dat ik überhaupt kan zien. En vooral hoe blij ik daar vanaf nu mee ben.

Het is niet alleen het letterlijke zien met mijn ogen, maar ook het metaforisch zien. Het kijken zelf en het ervaren van wat ik zie. Tot nu toe was de wereld een ingewikkelde plek, waar het me maar moeite kostte me te handhaven. Waar ik eigenlijk liever niet wilde zijn, maar ja, wat is het alternatief?
Nu realiseer ik me hoe blij ik ook ben dat ik er nog ben. Hoeveel schoonheid de rijk is. Ja, natuurlijk, er is ook heel veel ellende. Er zijn genoeg dingen die ik nog steeds liever niet wil zien. De kunst is je te focussen op dat waar je meer van wilt zien. Dat wat je aandacht geeft groeit, daar geloofde ik altijd al in, maar nu des te meer.

De vlek in mijn oog lijkt op de contouren van een lens. En zo, heb ik besloten, wil ik hem ook zien. Een extra lens om de wereld beter mee te kunnen zien. Eerlijker, opener, liefdevoller.
Daarom geniet ik vandaag extra van de honderden tinten groen in het gebladerte van de bomen in onze tuin. Hoe het licht er goudgeel doorheen schijnt en de bladeren doorzichtig maakt tegen de zon in en extra donker juist daar waar het schaduwt.

Ooit zal ik misschien in staat zijn de intensiteit van de hoeveelheid detail in bladeren, takken, kleuren die mijn ogen waarnemen in woord of beeld om te zetten. Vandaag nog niet. Vandaag kan ik er alleen maar van genieten en hopen dat jij die dit leest iets van de extase die ze op dit moment in mij veroorzaken meekrijgt.

Schrijven, tekenen, vormgeven, het is mijn taal. Het is hoe ik me uit. Waar woorden niet de weg naar mijn lippen vinden, heb ik mijn ogen en handen om de wereld te laten zien wat ik zie en voelen wat ik voel. De lichtflitsen die straks in de schemering weer op zullen komen zal ik zien als herinnering aan hoe prachtig het wonder is dat licht bestaat, dat donker bestaat en dat ze samen een hele wereld, wat zeg ik, een heel universum tot leven brengen. En wij mogen hier stille getuigen van zijn zolang we rondlopen op deze aarde. Het is goed dat steeds weer te beseffen. Het duurt zolang het duurt en dan is het voorbij. Dat we met elkaar nog maar heel veel liefde en schoonheid mogen beleven!

Eric Hage
11-08-2022, Weesp

Liefde – 4-luik (en de grootste van al)

Geplaatst op april 4, 2022oktober 8, 2023 door Eric

april 4, 2022

‘En de grootste van al is de Liefde’ is een vierluik waarin ik heb geprobeerd mijn visie op het leven en de Liefde vorm te geven. De liefde is de leidraad in zoveel van ons leven en ook in alle grote religies en wereldfilosofiën. Dit werk is een poging al die facetten en inzichten in grote lijnen bij elkaar te brengen en hun onderlinge verbanden zichtbaar en vooral voelbaar te maken. 

Het werk is een verzameling technieken en is ontstaan uit een collectie teksten en symbolen die ik in de loop der tijd ontdekte op mijn pad. In een aparte bijlage heb ik geprobeerd de belangrijkste daarvan uit te leggen en waar mogelijk te voorzien van bronnen zodat iedereen verder eigen onderzoek kan doen.

Het werk is zeker niet alomvattend en al helemaal niet compleet, het is slechts een poging een indruk te geven van wat mij bezighoudt, raakt en vooral inspireert, zowel in werk als mijn dagelijks leven.

ik hoop dat het dat ook voor jou zal doen.

Liefde-4luik-2022Download

Indië-Herdenking 2020 in Weesp

Geplaatst op augustus 15, 2020oktober 8, 2023 door Eric

augustus 15, 2020Posted in 2020, 53 columns, Columns, proza, Schrijven

Juli 2013. Voor de allereerste keer betreed ik de Synagoge Weesp voor een solo-expositie die een maand zal duren. Speciaal voor deze expositie heb ik 1000 papieren kraanvogels gevouwen, in Japan al eeuwen het symbool voor lang leven en 1000-jarige vrede. Na het herdenken van 6 augustus, de val van de atoombom op Hiroshima, die voor een groot deel van de wereld het einde van de Tweede Wereldoorlog inluidde, vonden Frida Bodisco, voorzitter van St. Vrienden van de Weesper Synagoge, en ik dat dit een mooie gelegenheid was om ook eindelijk eens een Indië-Herdenking in Weesp te organiseren. Al jaren leefde die behoefte bij de Nederlands-Indische inwoners van Weesp en ook bij onszelf. Dit was hét moment!

Binnen twee weken was het geregeld. Op 15 augustus 2013, opende de Synagoge haar deuren voor de eerste bezoekers van de allereerste Indië-Herdenking in Weesp. Indonesische kunstenaar en danseres Shelly Lapré kwam met haar Herinnerkoffers en voerde haar voorouderdans op, waarna iedereen bij elkaar kwam en herinneringen gedeeld werden. 
Het werd een indrukwekkende, ontroerende avond en nog voor deze voorbij was klonk al de roep om een vervolg. De jaren erop kwamen bijzondere gasten langs: schrijver Ron Krancher (2014), Ernestine Alexandrine de Wilde de Ligny met haar voorstelling MAX305 (2015), schrijfster Mw Marjan Bruinvels (2016), de dames Mw Creutzberg-Westplat (96) en Mw Backers-Wöhe (85) (2017), schrijver Reggie Baay (2018), Mw Josje Nieuwenhuys en opnieuw een voorouderdans van Shelly Lapré (2019). Stuk voor stuk deelden zij hun indrukwekkende geschiedenissen met ons en met de jaren groeide ook het bezoekersaantal. De laatste jaren stonden mensen zelfs tot bij de voordeur!

Augustus 2020. Corona heeft zijn intrede gedaan, met zijn 1,5 mtr afstand maatschappij en een heleboel onzekerheid, waardoor onze Indië-Herdenking in de bestaande vorm dit jaar niet door kan gaan. Maar we blijven delen! Zoveel verhalen die al verteld zijn, zoveel verhalen die nog niet verteld zijn, zoveel verhalen die nooit meer verteld zullen worden, omdat de mensen die het leefden, overleden zijn, nooit de woorden hebben gevonden of denken dat hun verhaal er niet toe doet. Maar ieder verhaal doet er toe. Ieder verhaal is deel van een grotere geschiedenis. En juist in tijden als deze waarin polarisatie en racisme opnieuw ‘de kop opsteken’, alsof ze ooit verdwenen zouden zijn, zijn de verhalen van de Indische Nederlanders belangrijker dan ooit. Want ook Nederland heeft nog veel te leren van zijn eigen geschiedenis. Er is nog lang niet genoeg gepraat over dat stuk van het Nederlandse koloniale verleden. Er zijn nog teveel mensen die met vragen, wrok en gevoelens van miskenning rondlopen en dat is niet zonder reden.

Nog steeds worden hun stemmen niet genoeg gehoord en dat werkt door in de generaties die nu opstaan. Er is onder tweede, derde en vierde generaties steeds meer vraag naar verhalen. Steeds meer jongeren willen hun geschiedenis kennen, willen weten waar ze vandaan komen. ‘Hoe zat het dan, vroeger?’ is de vraag waar ik als 2e generatie mee opgegroeid ben, maar die ik nu ook terug hoor in de 3e en 4e generaties. 

‘Het paradijs’ waar mijn moeder en oma uit verjaagd en nooit naar terug keren konden. Dat paradijs was een stuk waar wij als in Nederland geboren kinderen, nooit bij konden. Wij waren er nooit geweest, hadden geen idee wat zij kwijt waren geraakt, wat zij doorstaan hadden. Wat we ook zouden doen, hoeveel reizen we ook zouden maken, nooit zouden we dat land waar zij geleefd hadden, kunnen leren kennen, want het bestond niet meer. Die scheiding tussen generaties en landen hoor ik ook terug in de verhalen van vluchtelingen nu, die hun land verwoest zien worden door oorlog en geweld. Ook zij worden verdreven uit hun ‘paradijs’ om te overleven in een nieuwe wereld. En mensen hier nu, die hun ‘paradijs’ bedreigd zien worden door al die nieuwkomers, net als toen mijn oma met haar kleine meid na jaren Jappenkamp en de Bersiap doorstaan te hebben, hier aankwamen en zich moesten leren aanpassen in die nieuwe, Nederlandse na-oorlogse wereld van toen.

Wij zijn allemaal deel van een steeds weer veranderende wereld, allemaal hebben we te maken met de verliezen die ‘de ander’ lijden en de daar geleefde levens die wij nooit volledig zullen kunnen begrijpen. Maar we kunnen onze verhalen delen. Niet om te vergelijken, welk leed erger is of meer bestaansrecht heeft. Ieder verhaal, ieder leven heeft bestaansrecht, ieder leven heeft zijn eigen deel van lijden. Aan ons de taak die verhalen te blijven vertellen, zowel van de nieuwkomers als van de blijvers en ingezetenen. We kunnen leren elkaar begrijpen, elkaar erkennen in wat we kwijt raakten, wat we missen, maar ook elkaar tegemoet komen en helpen in wat we samen kunnen vinden in het hier en nu. Dit hier en nu is waar de toekomst van ons allemaal begint. Laten we vooral blijven luisteren, onze geschiedenissen delen en van het mooiste en beste van al dat, samen iets nieuws opbouwen. 

Nederlands-Indië is een onuitwisbaar deel van de Nederlandse geschiedenis en zowel het mooie als het lelijke daarin heeft bestaansrecht, want het heeft mensen geraakt, gekwetst, gevormd. Ook al hebben zij hun verhalen nooit kunnen vertellen, ze zijn er wel geweest en ook hun zwijgen heeft de nieuwe generaties gevormd. Ook zo werkt verleden door. Zwijgen betekent niet dat dingen verdwijnen, het betekent alleen maar dat er geen woorden aan gegeven konden worden. Maar die woorden zijn er wel en het is onze taak er alsnog naar te leren luisteren. Zodat wat verzwegen werd, meegenomen kan worden in het licht van deze nieuwe toekomst waar we samen deel van zijn.

Ik herdenk dit jaar alles wat mijn moeder, oma, broer en mij gevormd heeft tot de mensen die wij nu zijn. Ik herdenk de opa die zijn leven verloor aan de Birma Spoorlijn en de opa die alle pijn die hij als marinier daar opdeed, omzette in pijn die hij hier in de nieuwe generatie doorgaf in de wonden die zijn woede en racisme in ons achterliet. 
Ik herdenk alles wat ik nooit gehoord heb, omdat zij het nooit konden vertellen, maar wat diep in mij opgeslagen ligt. Die nooit gesproken woorden klinken steeds luider en manen mij tot schrijven. Opdat ik niet vergeet, opdat wie na mij komt niet vergeet dat zij er waren, dat zij onze geschiedenis schreven. De geschiedenis die het leven vandaag mogelijk maakt. Laten we eer doen aan hen die voorgingen en een betere geschiedenis achterlaten voor wie na ons komt.

Om toch samen iets te kunnen doen vraag ik iedereen die dit leest op 15 augustus om 20.00u ’s avonds een kaarsje te branden en twee minuten stil te zijn. Zo zijn we toch even met elkaar verbonden in het herdenken van iedereen die ons voorging. 
In liefde, tot volgend jaar.

Eric Hage, Weesp
Indië- Herdenking 2020

Hier en Nu

Geplaatst op augustus 15, 2020oktober 8, 2023 door Eric

augustus 15, 2020

‘Hier en nu’. We mediteren en doen van alles om ‘in het hier en nu te zijn’, Tegelijkertijd gooien we constant haakjes uit naar de toekomst. ‘Morgen gaan we ‘dit’ doen’, ‘Volgende week gaan we naar dat feest, naar die vrienden, dat restaurant, die vakantiebestemming’. Als dat niet doorgaat, gooien we een haakje uit naar weer een volgend iets waar we ons aan vasthouden om naar uit te kijken. En als we niet ergens naar uitkijken, zijn we wel ergens bang voor. ‘O, als dat maar niet gebeurt, of dit of zus of zo.’ We leven een trapeze-act waarin we constant van de ene hogelucht act naar de volgende slingeren, zonder ooit voet aan de grond te zetten of een moment stil te staan.

Vandaag zit ik alweer 8 dagen in ‘Quarantijd’. Quarantijd is net als etenstijd en bedtijd, tijd met een functie. Vorige week werd ik weer ziek. Corona of niet, er was koorts mee gemoeid, verkoudheid, benauwdheid, reuk- en smaakverlies en allerlei andere vage klachten, kortom: Quarantijd. Tijd gereserveerd voor quarantaine. Niet voor ziek zijn, maar voor herstel en beter worden. Het is maar hoe je het bekijkt, toch? 

Vandaag gooi ik geen haakjes uit. Niet naar de toekomst, niet naar het verleden. Vandaag kijk ik naar het hier en nu. Wat is er nu wat ik kan doen, waar ik me mee bezig kan houden? Wat is het enige dat er werkelijk is? Ik luister naar het leven op straat, lees, kijk docu’s die me inspireren, knuffel met mijn hondje, schrijf wat me te binnen valt en rust. En als het even kan slaap ik wat. Ook dit is ‘Leven’. Het is geen ‘wachttijd’, geen ‘rust- of hersteltijd’, geen ‘quarantijd’, het is leven in het hier en nu met alles wat er is, zoals het is. En dat geeft rust.
X

Binnenpretjes

Geplaatst op augustus 15, 2020oktober 8, 2023 door Eric

augustus 15, 2020

Ken je dat, iemand zien of horen lachen en dan vanzelf ook moeten lachen? Er is niets zo aanstekelijk of aantrekkelijk als een goede lach. Zelfs zonder te weten waar de grap om ging kunnen we onbedaarlijk meelachen met anderen. Er is een hele wetenschap rond ontstaan, tot lachtherapie aan toe en ook op internet zijn genoeg filmpjes te vinden waarin reizigers in een trein, bewust of onbewust, ineens onbedaarlijk beginnen te lachen. In eerste instantie kijken medepassagiers nog verbaasd, maar al snel worden glimlachjes en blikken van verstandhouding uitgewisseld. ‘Kijk hem plezier hebben’. Dan, ineens, schiet nog iemand in de lach, en nog een, en nog een en voor je het weet heeft het lachvirus iedereen besmet en zit een hele coupe mensen de tranen uit de ogen te vegen van het lachen zonder dat iemand weet waarom. Ja, omdat die ander begon.

Tijdens de afgelopen quarantime had ik zo’n momentje met de buurman, die hier overigens nog niets van weet. Mijn overbuurman is een uiterst sympathieke man. Een beetje op zichzelf, leest veel, wat dovig en al ‘op leeftijd’, maar fietst en wandelt nog lekker rond. Houdt enorm van kunst en muziek en laat iedereen hier graag in meegenieten. 
Enthousiast maakt hij je, gevraagd en ongevraagd, deelgenoot van zijn laatste ontdekkingen uit krantenartikelen en boeken of over meer of minder bekende kunstenaars die hij tijdens een van zijn vele museumbezoeken ontdekt. Altijd met rieten of vilten hoed op het hoofd en een elegant sjaaltje om de nek gedrapeerd. Zijn boodschappen doet hij met een rieten mandje, waardoor hij mij stiekem aan de opa van Roodkapje doet denken, alleen zijn favoriete kleuren zijn blauw en groen. Kortom een bijzonder mens en fijne buurman. Bij mooi en minder mooi weer zit hij vaak in zijn deuropening, genietend van de zon en beschut tegen de wind. Met een glaasje en een krant of boek in de hand, brengt hij zo menig uurtje door.

Ergens vorige week lag ik netjes vermoeid in quarantime te lezen op mijn bank, toen ineens een bekende lach door het raam binnenwaaide. Een lichte, aanstekelijke lach die normaal al een glimlach doet verschijnen ‘fijn, de buurman heeft het naar zijn zin.’ Meestal gaat het dan om iets wat hij leest of een leuke anekdote van iemand aan de andere kant van een telefoon, maar ditmaal was anders. De lach was uitbundiger. De lach bulderde vanuit zijn buikregionen naar buiten, viel even stil, om dan meteen weer, vol uit het hart, als een vloedgolf de wereld in te rollen. Aangetrokken door zoveel plezier opende ik mijn raam. Daar zat hij in zijn deuropening, af en toe het hoofd schuddend, met zijn hand de hoed dan weer iets naar voor of achteren verschuivend en steeds opnieuw in die schitterende lach uitbarstend. De buurman had binnenpretjes!

Vanuit het raam riep ik hem toe: 
‘Is het leuk, buurman?’ 
Maar zoals gezegd, hij is een beetje dovig. De vraag bleef even hangen in de straat om op het lichte briesje ongehoord weg te waaien. De grijns die zich al van mijn gezicht meester had gemaakt meenemend, besloot ik terug op de bank te gaan genieten van de lachsalvo’s van de buurman. En iedere keer als ik daar nu aan denk, komt nog steeds die onweerstaanbare glimlach om mijn lippen en voelt mijn hart een stukje lichter. Zijn binnenpretje werd mijn binnenpretje. We weten niet altijd waarom we lachen, maar lachen is gezond en verbindend en daar kunnen we allemaal wel wat extra’s van gebruiken nu. Ik geef deze lach dan ook graag hier aan u door. Met dank aan de buurman.

Woord(-en) van de dag 29 – ‘Versoepelen’

Geplaatst op mei 20, 2020oktober 8, 2023 door Eric

mei 10, 2020

‘Versoepelen’, wat een mooi woord. Je ziet, voelt en hoort het bijna gebeuren: de tak buigt zich naar de aarde, hij ‘versoepelt’ zijn sterke, rechte rug en buigt voor de aantrekkingskracht die moeder aarde op hem uitoefent. De bamboe die meebuigt met de wind, soepel en buigzaam, geen weerstand, geen verzet, de wind komt langs en de bamboe beweegt mee. Naar links, naar rechts, naar voor of achter, waar de wind hem ook heen wil, hij buigt mee. Zo overleeft hij iedere storm.

Het kabinet ‘versoepelt’ de zelfopgelegde regels. Regels opgelegd door de aanwezigheid van een virus wat over de hele wereld waait en overal slachtoffers eist. Door de een gezien als ‘niet meer dan een griep’, door de ander als ‘de grootste bedreiging ooit’. We pasten ons aan, aan het virus, aan de opgelegde regels, want we willen overleven. Dat zit nu eenmaal in de aard van het leven ingebouwd. Als je het eenmaal hebt, wil je het houden en er liefst zo lang mogelijk in blijven. 
We pasten ons aan, maar onder druk, onder protest. We wilden niet dat ons leven echt zou veranderen en zeker niet dat het zou eindigen, niet óns leven en niet het leven zoals we dat kenden met ieder die ons lief is. Dat was motivatie genoeg. Voor even.

Maar de regels duren te lang, we willen terug naar onze fiere, rechte staat, net zoals de bamboe terug recht overeind komt als de wind weer is gaan liggen. De bamboe die niet weet waarom de wind waait en het nodig vindt hem bijna met kop en wortel uit het rietveld te trekken. De bamboe die buigt, zonder vragen, zonder verzet, dat is nu eenmaal zijn natuur. De bamboe waait mee, laat zich heen en weer zwieren, hoe lang het ook duurt, wetend dat er een tijd komt dat de wind weer stopt. Winden waaien niet eeuwig. Iedere storm heeft een begin en eind. Zo doet ieder wat bij hem hoort. De wind waait en gaat weer liggen, bamboe buigt en komt weer overeind. Er is niemand die hen hoeft te vertellen wat te doen.

En dan de mens. Die zich ontworteld ziet door nieuwe regels, want waar eerst groei was en vrijheid van bewegen, denken en doen, zijn nu nieuwe regels, weg vrijheid van bewegen, denken en doen. We willen wel even meebuigen, maar dan moet de wind toch echt weer onze kant op waaien of gewoon gaan liggen, zodat wij weer vrij en fier kunnen staan zoals we altijd deden. We zijn bamboe geweest, voor even, nu willen we weer boom zijn en staan voor wie we zijn.

Bomen hebben echter niet de vrijheid van bamboe, zij staan waar ze staan en wie niet genoeg meebuigt, valt om in iedere storm. Toch willen we onze boomnatuur terug, eisen van de wind dat hij een andere kant op waait, ons met rust laat zodat we terug onze rechte vorm aan kunnen nemen. Verwijten de hoogste bomen hun buigen en eisen onze vrije ruimte terug. We zijn moe van het buigen en aanpassen. We willen onze vrijheid terug en verwijten ook de wind zijn waaien, willen hem zoals vanouds negeren en nemen stapje voor stapje onze fiere houding weer aan.

Natuurwetten zijn aan ons niet besteed. De lessen die we ooit moesten leren gaan voor ons niet op. ’Wie niet meebuigt, zal breken’. Nee, wacht: wij zijn boom noch bamboe. Wij zijn mens! Wij willen we gebruik maken van ons recht om te kiezen voor overeind blijven of omvallen. We willen vooral niet leren meer bamboe te zijn. Wij mensen kunnen denken en voelen en eigen keuzes maken. Wij hoeven niet te luisteren naar regels noch wetten van de natuur. Wij staan daarboven!

Nee, wij maken onze eigen regels en luisteren naar niemands wetten. Wij buigen voor niemand en breken pas als wij dat zelf willen. Wij versoepelen voor niets en niemand. Wij zorgen wel voor onszelf en hebben niets en niemand anders nodig. Wij staan tenslotte boven de natuur en zijn immuun voor zoiets onbenulligs als een virus of de dood. En als we het niet zijn, zorgen we dat we het worden! Wij hebben tenslotte het eeuwige leven en blijven staan totdat we zelf zeggen: nu is het genoeg!

En dus versoepelt de regering voor ons haar regels en de mens juicht. We hebben gewonnen van die brute regering die ons onze vrijheid ontnam! Eindelijk krijgen we terug wat we nooit echt kwijt wilden. Onzichtbaar waart nog steeds het virus rond, maar daar zijn wij doof, blind en ach, toch gewoon immuun voor. Want wat je niet ziet, is er tenslotte niet. Versoepelen, meebuigen, veranderen, dat doen alleen bamboe en de natuur en ja, ook ‘die ander’. ‘Wij’ zijn ‘vrije mens’, wij hoeven dat allemaal niet.

10 mei 2020, Eric Hage, Weesp

Illustratie:
Katsushika Hokusai (1760-1849)  
Title: A sudden gust of wind in Ejiri province  
Series title: Thirty-six views of Mount Fuji

Dit werd geschreven als onderdeel van het project – ‘Geef me een woord‘

  • Previous
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • Next
  • Facebook
  • Instagram
  • LinkedIn
  • Etsy
  • Mail

ADHD advocate Autisme autisme- onderzoek Autismeweek Bijzonder klimaat Black hole Corona De Droommaker De jonge monnik Depressie geborgenheid haiku Het Gouden Koord boekjes Het Ooggebeuren Hoop illustratie inclusiviteit Indië-Herdenking Inspiratie Joey Kalligrafie Klimaat Konijntje Altijd Wakker late diagnose Lichaam mentale gezondheid Ned-Indië Nederlands-Indië neurodivers nieuwjaar prentenboek question rituelen rouw rust Stephen Hawking vader Verlies Weespernieuws Wereld Autisme Dag wolken Woord van de Dag Zaterdagportret Zijn

Op de hoogte blijven?

Welkom!

Schrijf je in om elke maand gewelidige informatie te ontvangen.

We sturen je geen spam! Lees ons [link]privacybeleid[/link] voor meer informatie.

Controleer je inbox of spammap om je abonnement te bevestigen.

LOREM IPSUM

Sed ut perspiciatis unde omnis iste natus voluptatem fringilla tempor dignissim at, pretium et arcu. Sed ut perspiciatis unde omnis iste tempor dignissim at, pretium et arcu natus voluptatem fringilla.

© 2026 Not so daily Musings | Aangedreven door Minimalist Blog WordPress thema